Groen

Gezonde dieren

Bij Gezonde dieren houd je je voornamelijk bezig met de gezondheid van dieren. Hoe kun je zien of een dier ziek is en hoe kun je voorkomen dat een dier ziek wordt? Daarnaast komen, naast hanteren en verzorgen, ook onderwerpen als geslachtsbepaling, conditiebepaling, leeftijd inschatten, transporteren en vastzetten van dieren, vacht- en hoefverzorging, het toedienen van medicijnen en melken aan bod. Je leert alles over hygiëne in stallen en dierenverblijven, gedrag van dieren, gezondheidscontrole, verschillende voedermiddelen en de verschillen tussen planten-, vlees- en alleseters. Ook voer je verschillende rantsoenberekeningen uit.


Houden van dieren

Bij Houden van dieren houd je je vooral bezig met de huisvesting van dieren zoals koeien, varkens, kippen en kleinere dieren. Daarnaast komen, naast het hanteren en verzorgen van dieren, ook onderwerpen als rassenkennis, voeding en voortplanting aan bod. Je leert alles over bouwmaterialen, mestopslagsystemen, hoe je zieke dieren kunt herkennen en wat de werkzaamheden in een dierenpension zijn. Verder ga je zelf een Powerpoint maken over rassenkennis en een huisvesting ontwerpen. Ook maak je een collage over de voortplanting bij dieren en voer je verschillende rantsoenberekeningen uit.


Groene vormgeving en styling

Het Keuzevak 'Groene vormgeving en styling' bestaat uit de volgende onderdelen:
  • Vormgeving
  • Techniek van het vormgeven
  • Een plantaardig product vormgeven
  • Bloemen en planten in de geschiedenis
In dit keuzevak leer je van alles over vormgeving. Je leert wat kleuren en vormen zijn. En je leert de begrippen ‘symboliek’, ‘structuur’ en ‘textuur’.
  • Bij het onderdeel 'Techniek van het vormgeven' maak je kennis met de technische kant van het vormgeven. Je leert zelf ondergronden maken en decoreren en presenteren.
  • Het onderdeel 'Een plantaardig product vormgeven' gaat over het vormgeven van een plantaardig product van begin tot einde.
  • Bij 'Bloemen en planten' in de geschiedenis komt aan bod hoe mensen door de eeuwen heen met bloemen en bloemwerk zijn omgegaan.

Bloemwerk

Bij het keuzevak Bloemwerk leer je verschillende soorten bloemwerk maken. Verschillende soorten boeketten, bloemstukken en technieken worden behandeld. Denk bijvoorbeeld aan een gemengd boeket, een boeket in een zelfgemaakt frame, een bloemstuk in steekschuim of een bloemstuk waarin je materialen lijmt. We werken ook veel met de seizoenen, dus in de herfst maak je bloemwerk met veel bessen en vruchten. En in het voorjaar gebruik je bloembollen in je bloemstukken. Achtergrondinformatie zoals kleurenleer en materialenkennis is ook van groot belang om een goed bloemwerk te maken.


Groei en oogst

Bij de module Groei en oogst ben je bezig met de groei van planten. Je onderzoekt onder welke omstandigheden planten het beste groeien en hoe je dit kunt beïnvloeden. Je bekijkt welke ziekten en plagen jouw planten kunnen belagen. Daarnaast zijn we bezig met de oogst van producten. In de akkerbouw, bijvoorbeeld, de oogst van aardappelen en suikerbieten en in de glastuinbouw de oogst van bloemen, potplanten en paprika’s (die je ook naar de veiling brengt).


Groei voorbereiden

Bij de module Groei voorbereiden ben je bezig met de voorbereidingen van de plantenteelt. Je doet onderzoek en maakt keuzes bij vermeerderingsmethoden. Daarnaast bezoeken we een aantal bedrijven die planten vermeerderen. Je bewerkt de grond zodat de planten weer goed kunnen groeien. Je maakt een planning, geeft leiding en voert de teeltwisseling bij de paprika’s uit. Tot slot maak je met de groep een filmpje over mechanisering en automatisering op een modern glastuinbouwbedrijf.


Werk in tuin en landschap

WTL staat voor Werken in Tuin & Landschap. Tijdens deze module leer je alles over aanleg en onderhoud van tuinen en landschappen. De module is opgedeeld in drie onderdelen: bestrating, heesters & bomen en graslanden. Binnen deze module staat de praktijk centraal en leer je écht hoe het moet. Kortom, wil je weten hoe een hovenier werkt, kies WTL!


Tuin ontwerp en aanleg

Toa staat voor Tuin Ontwerp & Aanleg. Tijdens deze keuze module leer je tuinontwerpen maken. Je krijgt een stuk tuin aangewezen die je samen met de klant gaat bespreken. Vervolgens maak je een schetsontwerp, daarna een definitief ontwerp en een beplantingsontwerp. Verder houd je je bezig met een aantal aanleg werkzaamheden zoals straten, schuttingen zetten en aanplanten. Een ideale keuze dus als het ontwerpen en aanleggen van tuinen je aanspreekt.


Voeding: Hoe maak je het?

Bij de module Voeding leer je hoe verschillende levensmiddelen worden gemaakt. Je leert verschillende technieken om levensmiddelen langer houdbaar te maken en hoe je een product verkoopt na de productie. Daarbij moet je denken aan:
  • Het uitvoeren van smaaktesten; Zijn er genoeg mensen die het lekker vinden?
  • Hoe maak je goede reclame?
  • Waar moet de verpakking aan voldoen?